
Tussenstand 25/11/11:
12 557,60 €
Total Target:
100 000 €

|
Werkbezoek Bieke Lannoy (nieuwe voorzitter vzw KVDZ) en Hilde Van Meirhaeghe 2-7november 2011 |
|
|
Op 2 november laten mijn collega-dierenarts en ik een gouden Belgische herfst achter ons : om 7u neem ik samen met Hilde het vliegtuig vanuit Schiphol richting Banjul. Reeds op het vliegtuig ontmoeten we Raf en Kristien van “Alex Nursery School” . Gedurende de ruim 6 uur-durende vlucht kunnen we dan ook heel wat informatie uitwisselen. Wanneer we om 12u30 (plaatselijke tijd) aankomen staat Moses ons, samen met zijn broer Bubacar, reeds op te wachten aan de bagageruimte. We wanen ons in een natuurlijke sauna : het is 32°C, bewolkt en, aangezien het regenseizoen net voorbij is, zeer vochtig. Onderweg kopen we wat fruit en laten we, voor mij althans, de eerste Afrikaanse kleuren en geuren op ons afkomen. Het is mijn eerste keer Gambia, mijn eerste keer Afrika. Gelukkig is er Moses , die mij met al zijn verhalen de smaak gaf om zijn thuisland in werkelijkheid te leren kennen, en Hilde, die mij met haar jarenlange ervaring in Nigeria wegwijs kon maken in de- voor ons Westerlingen- niet altijd evidente Afrikaanse gewoonten. Eén ding staat vast : Afrika is NOOIT saai! |
|
|
Dat mag Hilde reeds bij aankomst in het hotel ervaren : wanneer ze gans ingezeept onder de douche staat, komt er geen drup water meer uit de kraan. Bij navraag aan de receptie beloven ze mij om wat meer druk op de leidingen te steken en met een big smile zeggen ze erbij dat het nu toch wel zeker drie maanden geleden is dat ze zoiets voorhadden… ’s Avonds rijden we naar Omakan hotel en genieten er van een heerlijk diner. De Belgische manager, Peter, is echter niet aanwezig, maar wij weten wel zeker : Omakan is een pracht van een hotel met een uitstekende bediening! Rond 23u gaan we slapen : de één al wat beter dan de andere. Mijn malariapillen bezorgen me onrust en slapeloosheid. |
|
|
De 2e dag ben ik dan ook al verbazend vroeg uit de veren : we hebben immers een heel drukke dag voor de boeg. Alles moet vandaag (donderdag ) en vrijdagvoormiddag gebeuren; ’s middags is er het vrijdaggebed en stopt iedereen met werken. Zaterdag bereidt iedereen zich voor op het Tobaski-offerfeest van zondag, en maandag moeten we al terugkeren. We hebben een afspraak met 2 dierenartsen van het Department of Agriculture : met onze Brakelse Djembégroep en lokale dierenartsenvereniging zouden we graag een kleinschalig legkippenbedrijf opstarten. Hilde, een autoriteit als kippenspecialiste, is dan ook erg to the point en vuurt een hele resem vragen op de dierenartsen af. Een bezoek aan hun eigen kippenfarm alsook aan een nabijgelegen bedrijf maakt duidelijk dat ze naar Afrikaanse normen toch vrij modern bezig zijn. We rijden verder zuidwaarts naar Kachumeh, bezoeken onze kippenverzorgers die op het terrein wonen, en bekijken waar we het nieuwe kippenhok best inplanten . We besluiten raad te vragen aan de plaatselijke dierenarts. Aan de kindjes geven we elk een zonnehoedje en wat snoep, wat ze zeer erg apreciëren. |
|
|
Onderweg kopen we spades en emmers. Moses berispt mij omdat ik mee de winkel binnenstap : we betalen te veel omdat de zaakvoerder een witte madam ziet. Een flesje Malta, een drankje dat mij doet denken aan mijn kinderjaren, toen we aan tafel een glaasje “piedboef” kregen, geeft ons een energieboost om verder te rijden richting Gunjur. Als een echte safaririjder loodst Moses ons via een zanderig wegje naar Samabung. Dit is de nieuwe naam van het dorpje dat vroeger Kunkujang heette. Het betekent zoveel als ‘het huis van de olifant’. Hier komt de Isabel’s Gunjur Kunkujang Nursery School. Moses bestelde reeds zand en cement, zodat bij onze aankomst iedereen druk in de weer is. Er liggen een hoop stenen te drogen in de zon, de funderingen voor de klasjes zijn gemaakt , de 4 hoekpunten van het terrein zijn gemarkeerd met een muurtje, er is een put gemaakt waar de toiletten moeten komen. Moses merkt op dat dit niet op de juiste plaats is. We halen het plan erbij en zien al rap dat dit ondersteboven afgelezen werd. Gelukkig waren we er op het juiste moment bij, zodat er niet teveel verloren werk werd verricht . Hier hebben we ook een afspraak met de zoon van de Alkalo (burgemeester); de alkalo zelf liet zich verontschuldigen aangezien hij op bedevaart is naar Mekka. We organiseren een soort gemeenteraad samen met 2 leraars, de Youth leader en een aantal ouders. Moses legt nog eens duidelijk onze plannen uit : we zullen de school in verschillende stapjes bouwen : telkens er genoeg middelen zijn, kunnen we stenen maken en die onmiddellijk verwerken, diefstal is immers niet ongewoon. Alle nog niet gebruikte materiaal stockeren we dan ook bij de lokale conciërge. We maken hen ook duidelijk dat er, afhankelijk van de financiële middelen, eens een korte bouwstop kan ingelast worden. Uiteraard zullen we ervoor zorgen dat dit niet het geval zal moeten zijn. Iedereen is ook zeer vereerd te horen dat Isabel en Didier, ondanks hun weinige tijd, meter en peter van het project blijven en dit ook in de toekomst zullen blijven steunen. Moses bedankt met volgend citaat : ELKE DAG WANDELT EEN KOE MET HAAR JONGE KALF NAAR EEN WEIDE VOL MALS GRAS. OP EEN DAG VRAAGT HET KALFJE AAN HAAR MOEDER : ‘WAAROM BEDANKEN WIJ DE WEIDE NOOIT VOOR AL DIT LEKKERS?’ NA EEN LANGE STILTE ANTWOORDT DE MOEDER : ‘NOOIT ZIJN ER WOORDEN GENOEG OM TE BEDANKEN, ONZE APRECIATIE VOOR HET GRAS ZEGT ZOVEEL MEER… |
|
|
Met thee voor Moses en de Alkalo en een kort gebed wordt de vergadering gesloten. Achteraf delen we nog snoep, petjes en schrijfgerief uit aan de kindjes. Het Nederlandse liedje van kinderen van de zon zijn ze een beetje vergeten, maar ze geven ons een staande ovatie met het Gambiaanse volkslied. Als we willen weggaan hangen ze letterlijk aan onze auto. We bezoeken nog een vismarkt en –rokerij onderweg, stoppen bij een gigantische Baobabboom waar we een wens mogen doen, maar niet mogen verklappen én gaan langs bij Moses zijn familie. Spijtig genoeg bevindt de”compound” zich recht tegenover een gigantische vuilnisbelt, waar de vuurtjes de lucht met rook verpesten. Ondanks hun armoede en machteloosheid, blijven ook deze mensen, positief en vriendelijk, we worden er zeer gastvrij onthaald. |
|
|
Ondertussen is het 17u en beseffen we dat nog geen middageten hadden, gewoon vergeten! Geen van ons heeft echter honger en we besluiten dan ook gewoon iets te gaan drinken bij Yasmina’s, een bar in de toeristische wijk Senegambia en dé ontmoetingsplaats voor Belgen. We ontmoeten er Jo, een Belg die er ook een schooltje bouwde en ons heel wat tips geeft. Het doet deugd om informatie uit te wisselen met mensen die ons reeds voorgingen en toch al wat meer ervaring hebben dan wij. Doodmoe keren we terug naar ons hotel, waar er deze keer veel water uit de douche komt. Nu valt echter de deur eraf! We eten nog iets in het hotel en gaan vroeg naar bed. Na een uurtje word ik wakker en kan ik de slaap nog moeilijk vatten : de malarone, denk ik… |
|
|
Vrijdagmorgen vertrekken we al vroeg naar de hoofdstad Banjul om er een TIN- nummer (soort BTW-nr) aan te vragen en om er een bankrekening te openen. We doen dit omdat we niet weten wanneer we samen met Didier in Gambia zullen geraken. Het is eenvoudiger om alles nieuw aan te vragen en dan de vorige nummers en rekeningen achteraf op te zeggen. Het is er superdruk en bij aankomst blijkt het kantoor verhuisd te zijn, namelijk veel dichter bij ons hotel. We keren terug via Abuko, een voorstadje van Banjul. De straten liggen er heel slecht en overal zijn er open riolen, waar alle mogelijke afval in gedumpt wordt. Bij aankomst in het kantoor, ligt de loketbediende te slapen op haar bureau. Het lukt Moses pas na zachtjes wrijven op haar arm om haar wakker te krijgen. We krijgen ons TIN-nummer redelijk vlot (ttz na betaling van 50DAL) en plannen de bank, aangezien die nu al gesloten is, voor de maandag. We besluiten de Katchikallykrokodillenvijvers, annex museum te bezoeken. De krokodillen hebben tot nu toe nog nooit iemand gebeten en ik laat me dan ook overhalen om er ééntje te “aaien”. Ondertussen is het bijna één uur en rijden we door naar Lamin Lodge : een soort paalwoning bovenop de rivier. |
|
|
Onderweg zien we dat iedereen zich aan het klaarmaken is voor het vrijdaggebed : alle mensen, groot en klein, wassen hoofd, handen en voeten vooraleer ze kunnen bidden. Bij Lamin Lodge bestellen we een broodje kip met groentjes, heeerlijk!!! Een geniepig aapje denkt hetzelfde, springt vliegensvlug op tafel en gaat er met mijn broodje vandoor. Gelukkig heb ik nog mijn malta (volgens de ober drinken aapjes liever Cola en Fanta). We bezoeken nog de kantoren van Gammol, een organisatie die bezig is met watervoorziening en rijden door naar de Alex Nursery School. Achter de poort zijn we blij verrast het prachtige schooltje te mogen bezichtigen. De binnenkoer, de mooi beschilderde klasjes, de bankjes, … we zijn echt onder de indruk. Hier kunnen we zeker een voorbeeld aan nemen. We rijden nog even door naar Kachumeh. We hebben er een afspraak met onze veearts om te tonen waar we nu best dat kippenhok zullen bouwen. Dit mag niet te dicht bij de weg zijn : gevaar voor diefstal, maar ook voor inbreng van allerlei ziektekiemen; het mag echter ook niet te ver zijn, want dagelijks moet 2x water gebracht worden naar de kippen. Ook de oriëntatie is van belang ivm de ventilatie en regeninslag in het hok. Ondertussen is ook de persoon die het terrein moet effen maken gearriveerd . Hij zal morgen het nodige werk verrichten. Op de terugweg toont Moses ons nog de vroegere kantoren van zijn Jeepsafari’s, en nemen we een drankje in de Senegambiawijk. |
|
|
‘s Avonds besluit Moses bij zijn familie te eten en nemen wij een taxi richting Ali Baba. We ondervinden dat het toch gemakkelijker is om te onderhandelen als je een local bij hebt! Na een lange discussie – we hebben gedreigd dat we wel te voet zullen gaan- krijgen we de taxi voor 100DAL, een derde van de gevraagde prijs. We vragen de jonge Afrikaanse taxichauffeur waarom zoveel tijd te verliezen met discussiëren en vrolijk antwoordt hij : “this is our way…” Vlak voor we uitstappen geeft hij ons – 2 blanke vrouwen van middelbare leeftijd- zijn kaartje en vraagt of hij nog “iets” kan doen voor ons. We bedanken vriendelijk en maken hem wijs dat we ouder zijn dan we eruit zien. We genieten van onze kip Yassa en sluiten af in een moderne coctailbar met een fletse mojito. We willen onze papieren en rekeningen nog sorteren en geraken pas om 2u in bed. Na een korte rusteloze nacht besluit ik de malaronepillen achterwege te laten; muggenmelk en een muskietennet zullen hun werk moeten doen.
|
|
|
Zaterdagvoormiddag besluiten we wat te rusten. Ik installeer me- Nivea factor 20 op mijn huid-mijn, leesboek, I-pod en zonnepet op, in één van de ligzetels aan het zwembad. Drie minuutjes. Want dan komt Moses. We moeten dringend naar Kachumeh : Mr Joof, de aannemer, staat te wachten op instructies voor het maken van de funderingen van ons kippenhok. We rijden door naar Gunjur waar ruim honderd kindjes ons vrolijk roepend verwelkomen. We zijn blij verrast, want de muurtjes van de school staan reeds op kniehoogte! Onze steenbakkers zijn een beetje verdrietig : vannacht liep een hond over de nog niet-droge stenen, zodat een deel kapot is. Als echte bouwopzichters stellen we hen gerust : deze stenen kunnen nog verwerkt worden in de hoeken. Terwijl we wachten om het huidige schooltje te bezoeken spelen we wat met een schattige baby die ons in de handen gestopt wordt. Een jongetje van een jaar of 15 komt ons smeken of we kunnen helpen zijn verdere studies te betalen. We spreken af dat we er zullen over nadenken, maar we beloven nog niets. We kunnen niet iedereen helpen, maar het speelt door ons hoofd en de rest van de dag komen we er op terug. We beslissen via Moses een kleine bijdrage te doen, op voorwaarde dat we inschrijvingsbewijzen én (goede) studieresultaten te zien krijgen. En ja, ik heb een zoon van 15… ik vergelijk…begin thuis te missen …het speelt mee. Wanneer we aankomen in het hutje dat nu dienst doet als school zijn alle kindjes reeds paraat. Een 150-tal kindjes tussen 6 en krijgen er samen les, de ruimte is niet groter dan 10 bij 5m. Het is er vrij donker, het dak zit vol gaten en de kindjes zitten per 2 of 3 op een stoel sommigen op elkaars schoot. Een lessenaar hebben ze niet, papier of schrijfgerief al evenmin. Het bord is een zwartgeverfde plank. Het uitbundig gezongen ‘this is the way we go to school, early in the morning’ zindert nog een hele tijd na. |
|
|
Op de terugweg gaan we nog langs bij het prachtige Sheratonhotel; we denken eraan een Gambia-groepsreis te organiseren voor alle geïnteresseerden en kijken dus al eens uit naar de hotels in de buurt. We gaan nog naar de avondmarkt van Serekunda. Het is er donker, stoffig en heel druk. Met behulp van een zaklamp kopen we er enkele souvenirs voor de thuisblijvers. We durven nu ook al een ‘Gambian’price ipv een’ tourist’-price vragen. En het lukt. Ik laat er ook nog pasfotootjes maken bij de plaatselijke fotograaf; ik zal ze nodig hebben voor het openen van een rekening. We sluiten de dag af met een heerlijke rijstschotel bij Moses zijn familie en gaan vroeg slapen, want morgen is het feest. |
|
|
Zondagmorgen en het wemelt overal van kleurrijk uitgedoste mensen als we aankomen bij de moskee. Buiten op de parking, tussen de auto’s, in het gras, langs de weg, overal zijn mensen aan het bidden. Alles gaat er heel sereen en rustig aan toe. We luisteren naar een, voor ons onverstaanbare, Imam en keren daarna terug naar de compound. Een schaap wacht. Een rituele slachting. Wij kunnen er tegen. Moses past en we vertrekken naar de Djembéfabriek. Van geitenvel tot djembé : een man maakt buiten op straat prachtige djembé’s : Moses koopt er twee. Hij stelt voor nog naar de batikmarkt te gaan en, als we terugkeren bij zijn familie, zijn ze het schaap al aan het villen. De vrouwen zijn al druk in de weer : de groenten worden gekuist, de rijst wordt gekookt, alles in een heel klein primitief keukentje. Hun kookfornuis is een houtvuurtje op de grond met er rond wat stenen om de potten op te zetten. We kunnen er bijna niet binnen : zo klein en vol rook! Na enkele uurtjes genieten we van heerlijk geroosterde schapenkoteletjes en een rijstschotel met gekookt vlees, worteltjes, komkommers en zoete patatjes. ’s Namiddags, terwijl Hilde gaat zwemmen in zee, rijd ik nog mee met Moses en Bully naar familie om er (een beetje zoals bij ons) te ‘Nieuwjaren’. Overal in de straten komen kinderen ‘Happy Tobaski‘wensen en vragen de ‘toubab’(witte mens) een ‘salibu’ of geschenkje. Gelukkig heb ik een grote zak snoep mee, maar weeral moet ik enkele kindjes teleurstellen omdat er niet genoeg is. Eén kindje loopt in een grote kring rond mij heen en kijkt doodsbang. Mijn vroegere angst voor de Sint en zijn zwarte helpers… herinneringen van heel lang geleden. Na een half uurtje komt ze mij bedeesd een handje geven en kan er een glimlach vanaf. Als Bully, een heel ervaren chauffeur, op de terugweg het stuur wil overnemen, rijden we ons vast in het zand. Een massa kindjes komt uit het niets te voorschijn om ons uit te graven, maar bij elke poging van Bully zie ik de auto dieper in het zand wegzakken. Het begint al donker te worden als we eindelijk weggeraken. Na een vlugge douche, gaan Hilde en ik voor onze laatste avond eten bij Jojo’s, een Belg. Moses en Bully halen ons rond 21u op en we pikken nog een concertje mee van een Gambiaans groepje. De Humanity band speelt uitstekend en we keren ontspannen terug naar ons hotel. Ik slaap al wat beter. |
|
|
Maandagmorgen, en ik wil nog naar Kachumeh. We hebben niet veel tijd en alle afstanden lijken dubbel zover als de vorige dagen. Bovendien staat het wijzertje van de benzine niet in het rood, maar ver ónder het rood! Twee maal houdt de politie ons tegen. Het terrein is proper gemaakt en dus kunnen de bouwwerken beginnen. Als we nog langs de bank passeren, is die gesloten : wegens Tobaski; sommigen vieren dit op maandag. Ik ben net terug op tijd in het hotel om mijn valies te pakken en terug te keren naar huis. Het was een druk en fijn bezoek. NOOIT was het saai. We hebben dan ook op korte tijd heel wat kunnen doen, en willen onze motivatie en enthousiasme overbrengen op heel veel mensen, die misschien ook onze projecten willen steunen. |
|
|
Hilde, Moses, zonder jullie was dit niet mogelijk. “Bedankt!” Hoewel het verhaaltje van de koe en het kalf hier misschien beter past… Bieke |
|
Nieuws 9/6 (09-06-2010)
Gala Happening! (03-05-2010)
Op 12 november is het zover...


